
Bali is een Indonesisch eiland dat ten oosten ligt van Java en ten westen van Lombok. Het eiland is 5561 km² groot en telt 3.216.881 inwoners. De hoofdstad is Denpasar, met een inwonertal van bijna 500.000. Het eiland wordt overheerst door vulkanisch gebergte; sommige van die vulkanen zijn nog steeds actief.
Van de oorspronkelijke Balinezen (90 % der inwoners) is merendeel Hindoe. Dit in tegenstelling tot de rest van Indonesië waar de bevolking over het algemeen Islamitisch is. Bali heeft een eigen taal: Het Balinees. Daarnaast wordt door veel mensen Balinees-Maleis gesproken. Andere talen, zoals Indonesisch( Wat de nationale taal van Indonesië is) en Mandarijn-Chinees, spelen een marginale rol op het eiland.
Religie speelt een belangrijke rol op Bali. Het soort Hindoeisme dat er wordt aangehangen wordt ook wel Balinese Hindoeïsme (Hindu Dharma, Agama Hindu) genoemd. Dit is een combinatie van bestaande Balinese mythologieën en invloeden van het Hindoeïsme uit Zuid- en Zuidoost-Azië. De importantie van het geloof wordt onder meer duidelijk zichtbaar door de dagelijkse offers bij de vele (huis-)tempels, voor de winkels op de stoep en in de tempeltjes bij markten.
Het kaste-systeem maakt nog steeds een wezenlijk deel uit van het leven op Bali. In tegenstelling tot het kaste-systeem in India bestaat het systeem op Bali uit 4 kasten, de zogenaamde Varna's:
Aan iemands naam is te horen van welke kaste hij komt. Communicatie tussen deze kasten vindt plaats door gebruik te maken van verschillende versies van de Balinese taal namelijk 'hoog' Balinees, 'middel' Balinees en 'laag' Balinees. Voordat men weet met welke kaste men te maken heeft wordt er gebruik gemaakt van het Hoog-Balinees, en als eenmaal is vastgesteld met welke kaste men te maken heeft wordt de passende taalversie gebruikt. Zelfs tussen vrienden wordt hier nog rekening mee gehouden. Het is niet meer zo dat de kaste het beroep bepaalt; uitzondering hierop is Brahmana. De pedanda ((hoge-)priester) kan alleen uit deze kaste afkomstig zijn.
Lees verder